2021 IPC BV - International Pigeon Company

Locatie: IPC BV » Nieuwsberichten archief

Jonge duiven, Zeeland, de NPO, Noord-Holland, Friesland en een leuk experiment.

5 maart 2021 

 

Michel Beekman foto

 

 Voor mij staart een leeg scherm mij al een tijdje aan. Na deze morgen een uurtje of drie  het duivennieuws tot mij genomen te hebben maalt het nog steeds in mijn hoofd. De vraag is waarover deze week weer eens te schrijven. Er zijn vele kleine onderwerpen waarover iets te zeggen is. Ook is er het leuke experiment van de hoofdredacteur van Het Spoor. Daarnaast zijn er de gebruikelijke onderwerpen en perikelen.

 

 

Jonge duiven – Op Facebook toont onze sport zich dezer dagen weer eens als de sport van de hoop. Veel liefhebbers posten foto’s van hun jongen. Vergezeld van prachtige teksten over de verwachtingen, etc. En eerlijk is eerlijk, bij de meesten zien de jongen er prachtig uit. Ook zag ik diverse filmpjes over de toekomst van ieder hok.

 

Deze filmpjes gingen vooral over het binnen roepen van de jongen. Opmerkelijk vond ik dat mijn sportvrienden ze regelmatig door de ramen binnen te riepen in plaats van door de spoetnik, drangers of poortjes. Ook rammelden, floten en riepen ze dat het een aard had.

 

Opmerkelijk want dat hoeft echt niet. Zelf maakte ik ook regelmatig deze fout maar in mijn laatste actieve jaar deed ik dit niet meer. Zodra de jongen op de klep van de spoetnik zaten moesten ze door de spoetnik naar binnen. Een kunstje dat ze heel snel leren.

 

De eerste paar keer dat ze loskwamen stond die klep de gehele tijd open en werd de uitgang afgesloten bij het binnenroepen. Na een week sloot ik de uitgang en de klep direct nadat de jongen op het dak geklauterd waren. Na een uurtje of wat hoefde ik dan alleen maar de klep te openen. Natuurlijk lag bij binnenkomst wel een beloning in de vorm van voer te wachten.

 

Reeds na een enkele keer was het openen van de klep al voldoende voor de jonge duiven om naar binnen te gaan. Niets geen uitgebreid roepen of fluiten. Geconditioneerde reflex heet dit en als je dit consequent blijft toepassen werkt het voortreffelijk. Een (scheidsrechters)fluitje is dan echt niet nodig. Hetgeen wel zo prettig is voor de omgeving (tenzij je natuurlijk heel landelijk woont).

 

Wat me ook ieder jaar opvalt is hoe voorzichtig sommige liefhebbers met hun jongen zijn. Ook hier is het zo dat voorzichtig zijn in de praktijk averechts werkt. Hoe “wilder” je met de jongen duiven omgaat hoe beter het in de regel gaat. Ze moeten simpelweg wennen aan alles. Zowel in een landelijke als in een stedelijke omgeving.

 

In mijn eerste jaren in Aalsmeer sloot ik ze de hele dag buiten en dit ging eigenlijk prima. Nauwelijks problemen en duiven die overal aangewend waren. Ook vielen ze in de regel prima op het hok omdat ze dit gedurende de maanden van het “open hok” wel honderden keren gedaan hadden. Bij elke windrichting en dat was zeer handig op de vluchten. Vluchten waarop de resultaten zeer behoorlijk waren.

 

Ik deed dit vele jaren totdat de roofvogel en de buren een te groot probleem werden. De duiven kwamen minder los en uiteindelijk veel te weinig. De invloed op de resultaten met de jonge duiven was navenant. Het ging allengs slechter. Zo slecht dat er uiteindelijk vrijwel niet meer werd deelgenomen aan de jonge duivenvluchten. Met alle gevolgen van dien, met name voor de resultaten en de verliezen als jaarling.

 

Pas in 2017 toen ik mijn laatste jaar als “full prof” mocht doorbrengen keerde het tij. Toen kon ik de jongen loslaten en ze na een enkel uurtje zelf weer binnenhalen. Eerst aan het einde van de morgen, tijdens de uitwenfase, om de rover zoveel mogelijk te vermijden. Na gelang ze beter gingen vliegen steeds vroeger in de morgen.  Uiteindelijk direct na het opheffen van de verduistering.

 

Richting het wedvluchtseizoen werd aan de ochtendtraining nog een middagtraining of een lapvluchtje (twee keer in de week) toegevoegd. Na de ochtendtraining bleven de junioren overigens de hele dag in de volière (serre). Als er gelapt werd pakte ik ze direct uit de volière. Hetgeen ook veel sneller was. Pas na de middagtraining of na de lapvlucht mocht de jonge garde terug in het nachthok (waarbij ze geen toegang meer hadden tot de volière).

 

Het kan toeval geweest zijn maar de prestaties waren voor het eerst sinds vele jaren weer op niveau. Sterker nog ze brachten mij de titel die ik zelfs in mijn beste vroege Aalsmeerse jaren niet wist te bemachtigen.

 

Ook waren de verliezen minimaal. Vermoedelijk door de dagelijkse training in de ochtenduren, waarbij ze soms wel meer dan een uur uit het zicht waren. Slechts op de eerste vlucht werden door een dwaze lossing (te) veel duiven ingeleverd. Een kleine twintig procent waar de meeste andere liefhebbers zo’n dertig tot vijftig procent lieten zitten.

 

Overigens realiseer ik mij dat het houden van jonge duiven zoals hierboven beschreven niet voor de werkenden onder ons is weggelegd. Tenzij er hulp is natuurlijk. Zonder die hulp wordt het moeilijker.

 

Echter er kan nog steeds zeer veel. Als ik nu nog in Nederland zou wonen en duiven zou houden zou ik mijn jonge duivenhok zoveel mogelijk automatiseren. Met automatische rolluiken om de verduistering en de toegang tot de volière te regelen, met kleppen of deurtjes met motortjes en tijdklokken die het open en sluiten regelen en met het gebruik van een voerautomaat.

 

Op deze wijze kan er zeer veel. De investering die dit vergt is zeker de moeite waard. Niet alleen voor het plezier met jonge duiven in hun geboortejaar maar ook in de jaren daarna. Een goed opgeleide jonge duif is echt een grote pré voor een succesvolle carrière als oude duif.

 

Zeeland – Deze week was er voor de tweede achtereenvolgende week positief nieuws vanuit het Zeeuwse. De nieuwe groep bestuurders hebben voor het eerst (digitaal) vergaderd. Tijdens de onlinebijeenkomst zijn de voorbereidingen getroffen voor het houden van een ledenvergadering waarin het nieuwe bestuur formeel gekozen/benoemd moet worden. Het is inmiddels wel vijf voor twaalf qua voorbereidingstijd op het nieuwe seizoen. Echter met een beetje goede wil van iedereen en veel steun vanuit de achterban moet het nog wel lukken.

 

Overigens kreeg ik deze week een lange mail van een liefhebber uit het Zeeuwse. Als ex-bestuurder (niet recent opgestapt maar in een eerder stadium) had hij zich meer dan een beetje gestoord aan mijn schrijfsels. Iets wat natuurlijk zijn goed recht is. Niemand hoeft het immers met mijn mening eens te zijn.

 

Ook placht ik niet te denken dat ik altijd gelijk heb of dat mijn mening altijd de juiste is. Daarnaast ben ik (deels) afhankelijk van de informatie die ik krijg. Gek genoeg heeft er behalve de liefhebber in kwestie nog nooit iemand gereageerd uit de kringen rond het oude bestuur en/of de voorstanders van de pilot.

 

Overigens was/ben ik het niet met hem eens. Ik ben van mening dat mijn toon in het algemeen zeer redelijk en zeker niet onfatsoenlijk is geweest. Misschien was de woordkeuze de laatste weken wat scherper maar dit had alles te maken met de steeds schimmigere gang van zaken rond de pilot en de gedragingen van het oude bestuur.

 

Tenslotte nog dit. Ik denk oprecht dat het systeem zoals dit nu door de firma Bricon en de stichting De Nishoek is ontwikkeld niet slecht is. Vermoedelijk klokken de over tien jaar nog resterende duivenmelkers allemaal op een dergelijk systeem.

 

Het probleem wat ik met de gang van zaken had zat in de ogenschijnlijke dwang die er destijds door de toenmalige NPO-voorzitter, al dan niet verkapt, achter werd gezet. Zeeland was de pilot voor de rest van de Nederland en de toekomst van de duivensport.

 

Een soort van dwang die wederom al dan niet verkapt ook door het bestuur van Zeeland werd uitgestraald. Met al zijn onduidelijkheden bovendien. Onduidelijkheden die zowel door de uitvoerders van de pilot en het toenmalige NPO-bestuur veel te laat zijn weggenomen. Pas met het aantreden van het nieuwe NPO-bestuur kwam er klare wijn. Geen dwang van bovenaf, “Evolutie in plaats van revolutie”.

 

Nieuws van het NPO-bestuur – Over het NPO-bestuur gesproken, het goede nieuws is dat het bestuur eind maart weer op tal is. De heer Huib Bransen uit Putten heeft zich kandidaat gesteld als secretaris. Persoonlijk ken ik hem niet maar na enige zoeken op Internet vond ik dat hij o.a. secretaris van afdeling Midden-Nederland is geweest en graag speelt op de marathonvluchten. Hopelijk beschikt hij over eenzelfde vlotte pen als waarnemend secretaris Gerard v.d. Aast.

 

Een ander opvallend feitje was dat het voorwoord van de voorzitter wel zeer overeenkwam met dat van de hoofdredacteur van het Spoor. De vraag is wie kopieert wie?

 

Noord-Holland – In mijn afdeling, Noord-Holland, staat er binnenkort ook een digitale vergadering op het programma. Logisch gezien de tijd waarin we leven. Bij het lezen van de stukken (die ik altijd trouw door onze verenigingssecretaris doorgestuurd krijg) viel mij in het bijzonder Bijlage 6 op. Het handelde over het vervoersbeleid. Een goed en duidelijk stuk dat mij met één vraag achterliet. Hoe gaan verenigingen waar liefhebbers uit twee lossingsgroepen lid zijn om met het labelen van de boxen? Moeten hun duiven in aparte manden? Voor het overige denk ik dat het bestuur in de regel goed en verstandig bezig is.

 

Friesland – (Afdeling 11) draait door – Gisterenmiddag keek ik de tv-uitzending van afdeling11. Onder de titel “afdeling 11 draait door” huldigden Jannes Mulder en voorzitter Wiebren van Stralen de kampioenen in een DWDD-achtige setting. Een leuk initiatief dat wellicht elders navolging kan krijgen. Bijvoorbeeld indien andere huldigingen, zoals WHZB of de nationale kampioenen, ook dit jaar geen doorgang kunnen vinden. Natuurlijk is het wel een berg werk want het maken van filmpjes van de kampioenen vreet tijd. Om maar niet te spreken over het op bezoek gaan bij de echte cracks.

 

Een leuk experiment – In het Spoor van week 8 las ik over het leuke experiment dat hoofdredacteur Gerrit Knol momenteel aan het uitvoeren is op zijn eigen hok. In plaats van zijn jonge duiven uit te wennen en op te leren op zijn eigen hok stuurde hij ze dit najaar allemaal naar een eenhoksrace in Sevilla. Dit deed hij met als doel ze daar in de wintermaanden op te laten leren. Om ze na de race weer terug te brengen op zijn eigen hok. Niet om er dan mee te kweken maar om er dan weer mee te gaan spelen. Het zou allemaal precies moeten passen vooral als de seizoenstart een beetje vertraagd wordt.

 

Ik heb nog niet eerder van een dergelijk experiment gehoord. Wel ken ik de omgedraaide variant. Waarbij reeds gespeelde jonge duiven werden ingeschreven voor een eenhoksraces. Met behoorlijk veel succes overigens.

 

Ik ben dan ook zeer benieuwd hoe dit experiment gaat aflopen. Naast het weer opnieuw wennen aan de hokken (waarop ze reeds uitgewend waren want dit deed Gerrit voor vertrek naar Sevilla) lijkt het mij ook van belang ze goed op te leren. Naar huis vliegen is (deels) ook gebaseerd op herkenning van vooral het laatste deel van het traject richting hok.

 

Over een aantal weken weten we meer en wellicht verbazen onze gevleugelde vrienden ons opnieuw.

 

OP EIGEN HONK

 

Moet ik echt lang nadenken om iets van nieuws te vinden. Feitelijk verandert er niets aan welke situatie dan ook. Ik werk nog steeds grotendeels vanuit huis en ook de grenzen tussen de staten zijn nog steeds gesloten en dit blijft nog het geval tot minstens 18 maart.

 

Kortom we maken er maar het beste van. Gelukkig is er nu weer veel wielrennen zodat menig avonduurtje aangenaam kan worden doorgebracht. Al was “de Omloop” een beetje een teleurstellende koers. Vooral bij de heren want de dames maakten er een stuk aangenamer kijkspel van.

 

Tot een volgende keer,

 

Groet,

 

Michel


« terug

Hier had uw banner kunnen staan!!!

Bonnenverkoop

Duivenvlucht

NPO Veenendaal

Duivenshop.nl

Corabia winter 2020

Algarve Great Derby

Derby Arona 2021

Algarve Golden Race

PDF-Reader
Om de pdf-documenten te lezen heeft u Adobe Reader nodig. Deze kunt u hier gratis downloaden.

Hokpresentaties
Links
IPC BV - Intern..

Pagina geladen in 0.010 seconden.