2021 IPC BV - International Pigeon Company

Locatie: IPC BV » Nieuwsberichten archief

NIEUWE RONDE, NIEUWE KANSEN

11 januari 2021 

peter t.jpg

 

Zijn bijproducten wel nodig? Ik denk dat ze bij één nacht mand vluchten niet noodzakelijk zijn, maar als je ook op de zware mid- en dagfond wilt schitteren, dan zijn ze beslist nodig om een snel herstel te realiseren.

 

De duiven krijgen hier tijdens de vluchten een zwaar programma voorgeschoteld, ze gaan elke week mee ongeacht de weersomstandigheden of afstand. In België is het zelfs nog zwaarder en dan zijn vetten en een natuurlijke basisgezondheid noodzakelijk om een seizoen lang top te draaien. Je kan nu eenmaal niet een heel seizoen met de medicijn pot aan de gang om ze fit te houden.

 

Eiwitten moeten niet of nauwelijks in het voer aanwezig zijn, die slaan op als de duiven ze niet gebruiken en dan wordt het eerder vergif voor de duif. Het is dus beter om die zelf toe te dienen wanneer nodig. Hier is dat twee dagen na de vlucht en in de rui- en kweekperiode tweemaal per week. Zeker niet elke dag, want ze moeten ze ook kunnen verwerken.

 

Onze mengelingen zijn vetrijk met relatief weinig eiwit, zodat ik alles naar eigen wens kan sturen. Duiven met blauw vlees duiden vaak op een teveel aan eiwitten. Die vind je hier dus niet, want zulke duiven presteren niet.

 

Als de kwaliteit aanwezig is hoeft presteren niet zo moeilijk te zijn als je die combineert met een goede verzorging, niet teveel duiven op het hok, een uitgebalanceerde mengeling en de juiste bijproducten. Daarbij let ik meer op vliegresultaten dan kampioenschappen, want in Nederland wil men maar zoveel mogelijk liefhebbers kampioen maken.

 

KAMPIOENSCHAPPEN

Je hebt de WHZB, nationale kampioenschappen, Grootmeesters, Fondspiegel, PIPA Rankings, Allerbeste, Olympiade… Allemaal met verschillende puntenregels en liefhebbers. Iedereen heeft tegenwoordig nationale Asduiven op het hok zoals ze al die competities noemen. Ook de charme van teletekstvluchten hebben ze door deze overdaad om zeep geholpen.

 

Ik haalde als eens eerder aan dat toen de nationale kampioenschappen in De Duif werden gepresenteerd, het erop leek dat je wel erg slecht gevlogen moet hebben om daar niet tussen te staan. Zolang er geen duidelijkheid is wie de echte kampioenen zijn, zegt het me allemaal weinig.

 

Hoe moeilijk kan het zijn als er 7x vitesse of 7x midfond of 5x dagfond of 10x jonge duiven op het nationaal vliegprogramma staan, en men werkt met een aftrekvlucht per categorie? Pas wanneer de punten dan uit de afdelingen in plaats van sommige zwakke samenspelen worden gehaald, zal de terechte kampioen van Nederland opstaan.

 

Toen op de laatste jonge duivenvlucht Châteaudun in Rayon 1 de eerste duif viel, had ik er 27 in Rayon 2 waar ik de eerste twaalf speelde. In de totale afdelingsuitslag zaten er twee voor mij uit de andere twee Rayons van Brabant 2000. Die waren die dag gewoon sneller, zo simpel is dat.

 

Daarom de punten uit de afdeling halen want de ene keer staat de wind zo en de andere keer weer zo. Het is aan de afdelingen om te switchen met een oostelijke of westelijke losplaats.

 

Eerlijkheid in de duivensport blijft een moeilijke zaak. Wij Nederlanders snappen het zelf niet eens, laat staan buitenstaanders in landen om ons heen.

 

Bij de Olympiade is het zelfs mogelijk om de beste jonge duif te hebben terwijl die niet eens op de jonge duivenvluchten heeft meegedaan. Als ik de top 5 bekijk, dan hebben alleen duif #1 en #5 hun punten op de jonge duivenvluchten behaald. Duif #2, #3 en #4 alleen op de nalijn.

 

09 JAN GOEDE

 

Ik schrijf vaak over ‘goede duiven’, maar wat zijn nu echt goede duiven wordt mij geregeld gevraagd. Bij veel liefhebbers is dat een duif waar zij alle weken op kunnen rekenen, of hij nu vroeg vliegt of niet. Hier is niets mis mee, want iedereen moet op eigen hok de lat op een haalbare hoogte leggen wat tijd en financiële mogelijkheden betreft.

 

Jezelf blind staren op een ander is nooit een goed idee, want dan ga je jezelf ergeren aan iets wat niet nodig is. Het gaat er in onze hobby immers om dat je op je eigen manier van je duiven geniet.

 

Maar om op het begin terug te komen; Dragon Girl vind ik een echt goede duif. Zij presteerde super op de vluchten met vier 1e prijzen in het Rayon op alle afstanden. Ze won ook 4x top 10 NPO en is moeder van enkele 1e prijswinnaars. Daarbij werd een kleinzoon afgelopen jaar 2e provinciaal, 17e nationaal Asduif en won hij een 1e in groot verband.

 

Dragon Girl komt uit Fast Rocket (won de 2e, 11e en 11e NPO) en haar moeder is Dragon Star (won de 9e NPO). Haar opa is nestligger van Super Rossi (zelf ook enkele keren top 10 NPO) en de oma is Space Girl (ook top 10 NPO). Daarbij zijn opa en oma halfbroer- en zus, dus beide uit Miss Goldnugget. Zij won in haar vliegcarrière de 5e provinciaal Asduif en 6e nationaal Orléans.

 

Nogmaals, genen liegen niet en komen altijd bovendrijven. Andersom betekent dit dat wat er niet in zit, er ook nooit uit zal komen. Vandaar het liefst in elke generatie topduiven.

 

06 JAN AFWACHTEN

 

Duivenmelkers moeten geregeld afwachten. Gaan de duiven goed van start, verspeel je er niet teveel, heb je een goede lichting gekweekt… In 2021 wordt het vooral afwachten of en wanneer we kunnen vliegen in verband met de pandemie. De mondkapjes en lockdowns hebben vooralsnog niet echt geholpen om het tij te keren.

 

Dit moet het jaar worden waarin de ZLU duiven op Agen, Narbonne en Barcelona worden getest. Daarna maak ik de balans op. Ik ben geen meeloper maar een winnaar en daarom ga ik er vol voor dit jaar. Maar goed, als het er niet in zit, dan houdt het op natuurlijk.

 

Het kweekseizoen verloopt goed. Bij de programmaduiven geen noemenswaardige problemen. Als het goed is leggen zij volgende week al bij en dan zitten de jongen ook mooi in de pluim.

 

Bij de ingepluimde jongen valt al een inschatting te maken welke koppelingen hebben uitgepakt. Ik zie meestal in de broedschotel al wel wat voor vlees ik in de kuip heb. Ik ken mijn eigen duiven door en door en zie snel wie uit kan groeien tot iets speciaals.

 

Ik probeer zoveel mogelijk te kweken op kwaliteit, vandaar dat er topduiven op de kweekhokken zitten. De toppers van mij en Jan gaan niet weg en daarom beschikken we over diverse Asduiven, NPO-winnaars en duiven met meerdere 1e prijzen op hun conto.

 

Jan en ik testen ze op twee fronten, bij mij in het zuiden en bij Jan in het noorden. Ik moet het meer van de oostelijke wind hebben en Jan van de westelijke. Ze krijgen bij mij wel iets meer aandacht, maar dat is te verklaren. Jan heeft namelijk een druk bedrijf en daar moeten de duiven zich naar schikken.

 

Laten we hopen dat we een normaal seizoen kunnen beleven, al acht ik die kans klein. Maar zodra we van start kunnen, ben ik er in ieder geval klaar voor.

 

04 JAN VOLHOUDEN

 

In 1978 begon ik met duiven. Ik was 11 jaar oud en had geen duivenmelkers in de familie, dus moest ik zelf alles uitvogelen. Daar kwam bij dat de duivenmelkers in mijn dorp destijds hun hele weekloon inzetten op de vluchten. Met gokken kwam geheimzinnigheid, dus ik werd van niemand iets wijzer.

 

In die tijd zaten er in een dorp met een paar duizend inwoners nog ruim 350 duivenmelkers. Die stonden elke zondagochtend in de lucht te turen en de 27mc bakjes te beluisteren om erachter te komen of er al ergens één gevallen was.

 

In ‘89 ben ik op 22-jarige leeftijd met mijn schoonvader (die niet eerder duiven had) begonnen in Hoeven. Er waren toen verschillende liefhebbers van mijn leeftijd die goed presteerden, maar daarvan kregen er veel gezinnen en de animo zakte weg. Bij mij niet, want ik was te fanatiek.

 

Ondanks werkweken van 80 uur beoefende ik de sport vooral met de jonge duiven op hoog niveau. Het elektronische systeem was een uitkomst, want daarvoor overkwam het me wel eens dat ik van het land kwam en er al duiven binnen zaten. Dit kostte me in ‘92 en ‘96 zelfs een NPO-overwinning.

 

Van Chartres (ik meen in ’96) liep de loods vol met duiven, want de hokken zaten nog dicht. Ik dus snel begonnen met klokken en alsnog zeven bij de eerste tien in de toenmalige ZNB. Er konden in mijn twee juniorklokken maar 40 duiven worden geklokt, anders had ik ze haast allemaal erin gehad.

 

Met het elektronische systeem was er zekerheid en werden de duiven geklokt, want ook toen was het niet altijd mogelijk om thuis te zijn met 50 man personeel op het land die de aardbeien aan het oogsten waren.

 

In al die jaren is er veel veranderd en zijn er veel kampioenen gekomen en gegaan. Aan de top blijven is moeilijker dan er geraken, dat hebben veel bekende liefhebbers uit het verleden aan den lijve ondervonden. Je moet telkens je grenzen verleggen, op zoek zijn naar betere duiven en de wil houden om te presteren.

 

Inmiddels is het 2021 en hoop ik ook dit jaar enkele mooie concoursen in groot verband te winnen en stuntuitslagen te maken. Kampioenschappen an sich zijn niet per se mijn ding. Als ze komen, dan prima natuurlijk, maar ervan wakker liggen doe ik niet.

 

Ik heb respect voor Asduiven en 1e prijswinnaars, die probeer je elk jaar weer te kweken en dan geeft het voldoening als dat lukt. Dit is een prestatie van de duif zelf die zijn grenzen verlegd die dag of dat jaar.

 

Kampioenschappen zijn meer van de liefhebber zelf. Als je top met je duiven bezig bent en kwaliteit op je hok hebt, wordt je kampioen. Zo simpel is dat. Dat is meer een kwestie van een goed systeem en een goede planning waar je niet van afwijkt.


« terug

Hier had uw banner kunnen staan!!!

Bonnenverkoop

Duivenvlucht

NPO Veenendaal

Duivenshop.nl

Corabia winter 2020

Algarve Great Derby

Derby Arona 2021

Algarve Golden Race

PDF-Reader
Om de pdf-documenten te lezen heeft u Adobe Reader nodig. Deze kunt u hier gratis downloaden.

Hokpresentaties
Links
IPC BV - Intern..

Pagina geladen in 0.009 seconden.